|
1. De bekendste lichtschakeling:
|
|
Werking:
Zodra je op de schakelaar S1 drukt gaat lamp licht E1 aan en druk je weer op
schakelaar S1 gaat lamp E1 weer uit.
Toepassing:
Deze installatie vind je onder andere in de W.C., slaapkamer, woonkamer etc.
Stroomverbruik:
Het stroomverbruik is gelijk aan het vermogen van de desbetreffende verlichting.
Verlichting:
In deze schakeling mogen alle lampen gebruikt worden (gloeilamp, TL-buis,
spaarlamp).
Schakelaars:
Zoals getekend is het een enkel polige schakelaar maar in de praktijk bestaan ze
praktisch niet (meer) en heb je daarvoor een wisselschakelaar. Deze sluit je aan
door de fase (bruine draad) op het P-contact aan te sluiten en de schakelende
draad (zwarte draad) op één van de wissel contacten.
Een tip: Meet een schakelaar door (of in enkele gevallen staat er
een schema op de achterkant van de schakelaar) en monteer de schakelaar zo dat
als je onder de schakelaar druk het licht aan gaat. Denk hierbij aan de volgende
situatie als zijnde ezelsbruggetje: Stel het is donker en je valt. Dan kan je al
kruipend het licht makkelijker aan doen dan als je het licht aan de bovenkant
van de schakelaar aan moet drukken.
|
De bekendste lichtschakeling.
Terug
naar Menu
|
|
2. Dimmen zonder dimmer met 2 lampen: |
Werking:
Zodra je op de schakelaar S1 drukt gaan de 2 in serie geschakelde lampen E1 en E2, indien het
vermogen gelijk is, op een kwart van hun vermogen branden.
Druk je vervolgens ook schakelaar S2 in dan gaat lamp E2 op zijn vol vermogen
branden en gaat lamp E1 uit. Dat komt omdat je een overbrugging maakt en de
stroom altijd de weg kiest waar de minste weerstand bevindt.
Met schakelaar S1 kan je de lampen ook weer uitschakelen, op dat moment heeft
schakelaar S2 geen functie meer maar kan dan alvast zo geschakeld worden voor de
bepaalde lichtsterkte alvorens men S1 weer in schakelt.
Toepassing:
Denk bijvoorbeeld aan een slaapkamer: 's Morgens wakker worden en dan in eens
dat hele felle licht gelijk. Met deze schakeling kan je je ogen eerst even
wennen aan een wat 'rustiger' licht. Daarbij is het vaak voldoende om genoeg te
kunnen zien waar je loopt.
Stroomverbruik:
Gedimd (in serie) bespaar je 75% aan energie:
Stel: 2 gloeilampen van 60 Watt.
2 lampen parallel:
Pt = P1+P2 = 60+60 = 120 Watt
2 lampen serie:
I = P/U = 60/230 = 0,26 A
R = U/I = 230/0,26 = 884,62 Ohm
Rt = R1+R2 = 884,62+884,62 = 1769,23 Ohm
I = U/Rt = 230/1769,23 = 0,13 A
Pt = U×I = 230x0,13 = 30 Watt
Verlichting:
In deze schakeling mogen alleen lampen woorden gebruikt met een ohmse belasting.
Denk daarbij voornamelijk aan gloeilampen of spotjes die op 230 volt werken.
Vaak zijn er ook armaturen te vinden waarin zich 2 lichtpunten bevinden. Maar
gebruik geen TL-buizen, spaarlampen of andere lampen, spotjes die op
trafo's werken.
Schakelaars:
Je kunt kiezen om 2 losse (wissel)schakelaars te nemen als dat makkelijker voor
je is.
Of je neemt 1 serie schakelaar. Dat is een schakelaar met 2 schakelknoppen.
Echter, let hier bij op bij het aansluiten. Want deze sluit je niet aan volgens
de eventuele aanwijzingen op of bij de schakelaar. Op het eerste geschakelde
contact sluit je de fase (bruine draad) aan. Vervolgens sluit je op P-contact de
(zwarte schakel-)draad aan die naar de eerste lamp E1 gaat. Tot slot sluit je op
het tweede geschakelde contact de (zwarte schakel-)draad aan die tussen de 2
lampen E1 en E2 zit.
|

Dimmen zonder dimmer met 2 lampen en 2 schakelaars.
Terug
naar Menu
|
|
3. Dimmen zonder dimmer met 3 lampen: |
|
Werking:
Schakelaar S1 heeft de functie om deze schakeling volledig aan of uit te zetten.
In eerste instantie, als S1 ingeschakeld wordt, staan de lampen E1, E2 en E3 in
serie waardoor ze ongeveer 11% van hun vermogen licht geven indien de lampen
gelijk zijn aan het vermogen per lamp.
Eigenlijk is voor de schakelaars S2 en S3 een dubbel polige schakelaar het
makkelijkste om te kiezen tussen gedimd licht of licht op volle sterkte.
Maar er is meer mogelijk als je 2 losse schakelaars (of een
wissel-wissel-schakelaar)
daarvoor gebruikt. Want dan kan je kiezen uit 2 lampen die alleen mogen branden.
Namelijk bij S2 ingeschakeld en S3 uitgeschakeld, dan zal lamp E3 op volle sterkte
branden. Of andersom: bij S2 uitgeschakeld en S3 ingeschakeld zal lamp E1 gaan
branden. Let hier bij op bij het installeren van het armatuur dat je de juiste 2
lampen kiest die ook alleen mogen branden.
Toepassing:
Ook deze lichtschakeling is weer makkelijk als je niet gelijk
tegen het felle licht kan als je net wakker wordt. Maar het is ook te
gebruiken in de woonkamer om een gezellige sfeer te maken.
Stroomverbruik:
Gedimd (in serie) bespaar je 89% aan energie:
Stel 3 gloeilampen van 60 Watt.
3 lampen parallel:
Pt = P1+P2+P3 = 60+60+60 = 180 Watt
3 lampen serie:
I = P/U = 60/230 = 0,26 A
R = U/I = 230/0,26 = 884,62 Ohm
Rt = R1+R2+R3 = 884,62+884,62+884,62 = 2653,86 Ohm
I = U/Rt = 230/2653,86 = 0,087 A
Pt = U×I = 230x0,087 = 20 Watt
Verlichting:
In deze schakeling mogen alleen lampen woorden gebruikt met een ohmse belasting.
Denk daarbij voornamelijk aan gloeilampen of spotjes die op 230 volt werken.
Vaak zijn er ook armaturen te vinden waarin zich 3 lichtpunten bevinden. Dus
geen TL-buizen, spaarlampen of andere lampen, spotjes die op trafo's werken.
Schakelaars:
Voor deze schakeling kan je ook 3 losse schakelaars gebruiken.
Maar een mogelijkheid is ook 1 losse schakelaar (S1) en 1
wissel-wissel-schakelaar (S2+S3). Deze laatste ziet er het zelfde uit qua
knoppen als de serie-schakelaar maar heeft geen verbinding tussen beide
schakelaars. Sterker nog, het zijn 2 wissel-schakelaars bij elkaar, alleen
zijn deze iets duurder in aanschaf dan de gewone schakelaars.
Een iets goedkopere variant is het nemen van een dubbel polige schakelaar
(S2+S3), alleen heb je dan geen mogelijkheid om één willekeurige lamp op volle
sterkte te laten branden.
|

Dimmen zonder dimmer met 3 lampen en 3 schakelaars.
Terug
naar Menu
|
|
4. Licht schakelen met
bewegingssensor: |
|
Werking:
Hierbij heb je 4 opties, namelijk een beweginssensor te bruiken:
- zonder schakalaars.
(Zie eerste schema hiernaast.)
- met 1 schakelaar (S1) om de bewegingssensor uit te schakelen.
(Zie tweede schema hiernaast.)
- met 1 schakelaar (S2) om de bewegingssensor te overbruggen.
(Zie derde schema hiernaast.)
- met 2 schakelaars (S1+S2) om een combinatie van de laatste 2 genoemde
functies te maken.
(Zie vierde schema hiernaast.)
Deze laatst genoemde schakeling werkt zo:
Schakelaar S1 heeft ook hierbij de functie om de schakeling volledig aan
of uit te zetten.
Indien schakelaar S1 in geschakeld is en schakelaar S2 blijft
uitgeschakeld zal de bewegingssensor zijn werking uitvoeren. Telkens bij
opnieuw inschakelen van de bewegingssensor zal deze zich zelf testen
waardoor het licht (E1) aan zal gaan en naar ingestelde tijd uit gaat.
Als hierbij ook schakelaar S2 ingeschakeld wordt heeft de bewegingssensor
geen functie meer omdat schakelaar S2 overbrugt de bewegingssensor
waardoor de verlichting continu blijft branden.
Toepassing:
Deze installatie is makkelijk in de WC of op ingebouwde opbergkast maar dan
zonder schakelaars (S1+S2). Verder zijn natuurlijk verkeersruimtes in huis
(hal, gang, overloop) interessant, denk bijvoorbeeld aan dat je met een
zware doos loopt. Dan hoef je niet eerst het ligt aan te zetten en daarna
weer uit te zetten als je voorbij bent. Maar denk ook aan het vergeten van
het licht uit doen. Het kan ook creatiever op een slaapkamer. Je moet dan
de bewegingssensor zo opstellen dat het gebied detecteer net buiten het
bed. Gelijk licht aan en dus zien waar je loopt.
Stroomverbruik:
Het stroomverbruik is gelijk aan het vermogen van de desbetreffende
verlichting.
Je bespaart enige energie door:
- geen beweging, het licht gaat namelijk vanzelf uit bij geen beweging.
- bij voldoende lichtsterkte (is in te stellen) van buiten af zal de
verlichting niet aan gaan.
Verlichting:
In deze schakeling mogen alle lampen gebruikt worden (gloeilamp, TL-buis,
spaarlamp).
Schakelaars:
Je kunt kiezen om 2 losse (wissel)schakelaars te nemen als dat makkelijker voor
je is.
Of je neemt 1 serie schakelaar. Dat is een schakelaar met 2 schakelknoppen.
Echter, let hier bij op bij het aansluiten. Want deze sluit je niet aan volgens
de eventuele aanwijzingen op of bij de schakelaar. Op het eerste geschakelde
contact sluit je de fase (bruine draad) aan. Vervolgens sluit je op P-contact de
(zwarte schakel-)draad aan die naar het fase contact (L) van de bewegingssensor
gaat. Tot slot sluit je op
het tweede geschakelde contact de (zwarte schakel-)draad aan die tussen het
schakelcontact van de bewegingssensor en de verlichting (E1).
Bewegingssensor:
Deze zijn er in verschillende soorten en maten. Je kan ze wat
duurder inbouw krijgen of de goedkoopste opbouw die je ook voor buiten kan
gebruiken. De bekendste bewegings sensors hebben 3 draden nodig: voor de werking; de
fase (L) en een nul (N), en een schakeldraad voor de lampen.
|

De eerste drie opties om licht te schakelen met een bewegingssensor.
Klik erop voor vergroting!

Licht schakelen met een bewegingssensor en 2 schakelaars (optie 4).
Terug
naar Menu
|
|
5. Dimmen zonder dimmer met 3
lampen en een bewegingssensor: |
Werking:
De werking is een combinatie van lichtschakeling 3. Dimmen zonder dimmer met 3
lampen en lichtschakeling 4. Licht schakelen met
bewegingssensor.
Toepassing:
Ook deze lichtschakeling is weer makkelijk als je niet gelijk
tegen het felle licht kan als je net wakker wordt. En doormiddel van de
bewegingssensor springt het licht aan zodra je uit bed stapt. Monteer en stel hem
zo in dat de bewegingssensor niet het gebied van het bed pakt maar daar net buiten.
Zo sta je op en heb je direct licht op de door jou gewenste lichtsterkte.
Verder heeft dit ook weer een besparende werking op je energie rekening.
Je kan deze zo instellen dat de tijd na de laatste beweging detectie, het
licht van zelf uitgaat. Hoe vaak blijft er soms wel een per ongeluk licht
aan op een slaapkamer als men er niet is.
Stroomverbruik:
Hierbij hebben we een combinatie van de laatste 2 lichtschakelingen, te
weten:
- Gedimd (in serie) heb je 20 Watt prettig licht in plaats van vol
vermogen (in parallel) heb je 180 Watt fel onprettig ligt als je net
wakker wordt of gaat slapen.
- geen beweging, het licht gaat namelijk vanzelf uit bij geen beweging.
- bij voldoende lichtsterkte (is in te stellen) van buiten af zal de
verlichting niet aan gaan.
Verlichting:
In deze schakeling mogen alleen lampen woorden gebruikt met een ohmse belasting.
Denk daarbij voornamelijk aan gloeilampen of spotjes die op 230 volt werken.
Vaak zijn er ook armaturen te vinden waarin 3 lichtpunten zich bevinden. Dus
geen TL-buizen, spaarlampen of andere lampen, spotjes die op trafo's werken.
Schakelaars:
Voor deze schakeling kan je ook 4 losse schakelaars gebruiken.
Maar een mogelijkheid is ook 1 serie-schakelaar (S1+S2) en 1
wissel-wissel-schakelaar (S3+S4). In de vorige lichtschakelingen staat
uitgelegd hoe deze aangesloten moeten worden.
Bewegingssensor:
Deze zijn er in verschillende soorten en maten. Je kan ze wat
duurder inbouw krijgen of de goedkoopste opbouw die je ook voor buiten kan
gebruiken. De bekendste bewegingssensors hebben 3 draden nodig: voor de werking; de
fase (L) en een nul (N), en een schakeldraad voor de lampen. |

Dimmen zonder dimmer met 3 lampen, een bewegingssensor en 4
schakelaars.

Een bewegingssensor met daaronder de 4 schakelaars.

De 4 standen van de schakelaars S3 en S4 geven dit effect:
|
S3 |
S4 |
E1 |
E2 |
E3 |
|
uit |
uit |
gedimd |
gedimd |
gedimd |
| in |
uit |
uit |
uit |
aan |
| uit |
in |
aan |
uit |
uit |
| in |
in |
aan |
aan |
aan |
Terug
naar Menu
|